Relevant voor: inkopers en category managers in de NL-maakindustrie (machinebouw, metaal, hightech) die staal, aluminium of samengestelde producten van buiten de EU inkopen en contracten voor 2027 verlengen of tenderen.
De Europese Commissie stelde op 26 juni 2026 de richtsnoeren vast bij het EU-dwangarbeidverbod. Het verbod geldt vanaf 14 december 2027 voor producten die geheel of gedeeltelijk met dwangarbeid zijn gemaakt. Onder CBAM kan ontbrekend bewijs nu al geld kosten: zonder werkelijke emissiedata, geverifieerd door een geaccrediteerde verificateur, valt de importeur terug op standaardwaarden met een opslag. Voor ijzer en staal is dat 10% in 2026 en 20% in 2027. Leg bij verlenging of tender voor 2027 vast welk bewijs je leverancier per levering aanlevert en wie betaalt als het ontbreekt.
Wat er feitelijk gebeurt
Twee Europese regels maken bewijs over herkomst en productie tot een voorwaarde voor markttoegang of tot een kostenpost. Ze werken elk op een eigen manier.
Dwangarbeidverbod: vaste ingangsdatum, richtsnoeren vastgesteld
Verordening (EU) 2024/3015 is op 13 december 2024 in werking getreden. Het verbod geldt vanaf 14 december 2027. De Europese Commissie stelde haar richtsnoeren vast als document C(2026) 4386, op 26 juni 2026.
Volgens de richtsnoeren geldt het verbod voor alle producten met dwangarbeid, ongeacht herkomst, type of sector. Het gaat om producten die in de EU in de handel komen, op de markt worden aangeboden of worden uitgevoerd. Ook producten die slechts gedeeltelijk met dwangarbeid zijn gemaakt, vallen eronder. Het maakt niet uit of de dwangarbeid op een eigen locatie of ergens eerder in de keten plaatsvindt. De Commissie noemt due diligence (gestructureerd ketenonderzoek) een hulpmiddel om aan de verordening te voldoen.
Het verbod werkt via onderzoek. Een bevoegde autoriteit moet op basis van geloofwaardig bewijs vaststellen dat er dwangarbeid is gebruikt. Ontbrekend leveranciersbewijs is op zich dus geen verbod. Tijdens een onderzoek kan een autoriteit wel informatie opvragen over je keten en je aanpak. Wie die niet of onvolledig kan geven, verzwakt zijn positie.
Ook producten die vóór 14 december 2027 zijn geproduceerd of in de EU ingevoerd, vallen onder het verbod als ze vanaf die datum nog op de markt worden aangeboden. Producten die al bij de eindgebruiker zijn, vallen erbuiten. Advocatenkantoor Bird & Bird wijst erop dat de richtsnoeren uitdrukkelijk niet-bindend zijn. Ze scheppen geen nieuwe verplichtingen. Volgens TrusTrace, dat zelf traceersoftware verkoopt, lanceerde de Commissie daarnaast een Forced Labour Single Portal en een risicodatabase.
CBAM: ontbrekend bewijs kan geld kosten
Sinds 2026 loopt het definitieve CBAM-regime. De Duitse uitvoerder DEHSt beschrijft de keuze voor de importeur. Hij berekent de ingebedde emissies met de werkelijke waarden van de installatie, geverifieerd door een geaccrediteerde verificateur. Of hij gebruikt de standaardwaarden van de Europese Commissie.
Voor ijzer en staal bevatten die standaardwaarden een opslag van 10% in 2026, 20% in 2027 en 30% vanaf 2028. De Commissie wil de waarden en opslagen uiterlijk december 2027 herzien.
Advocatenkantoor Reed Smith zet twee praktische punten op een rij. Een geaccrediteerde verificateur is alleen nodig als je werkelijke waarden gebruikt. En de verkoop van CBAM-certificaten start in februari 2027, voor de emissies van import in 2026. Volgens de Europese Commissie geldt in 2026 per kwartaal een eigen certificaatprijs, voor de import in dat kwartaal: €75,36 voor Q1 en €75,28 voor Q2.
Structurele drivers
Orbecta-analyse: beide regels vergroten het belang van aantoonbare informatie over product en keten, maar op een verschillende manier. Hun ingangsdata liggen vast. Onder CBAM kan ontbrekend bewijs geld kosten: de importeur valt terug op een standaardwaarde mét opslag. Onder het dwangarbeidverbod moet een autoriteit vaststellen dat er dwangarbeid is gebruikt. Ontbrekend bewijs is op zich geen verbod, maar verzwakt je positie als er een onderzoek komt.
De opslag op standaardwaarden voor ijzer en staal loopt op van 10% in 2026 naar 20% in 2027 en 30% vanaf 2028. Voor contracten die over 2027 en 2028 lopen, telt de opslag van die jaren mee, niet die van vandaag. Of een leverancier met geverifieerde data goedkoper uitkomt, hangt af van de werkelijke emissies van zijn installatie ten opzichte van de standaardwaarde. Dat moet je per leverancier uitvragen.
Wie direct geraakt wordt
Direct, nu: bedrijven die zelf CBAM-goederen van buiten de EU invoeren, zoals staal of aluminium, bijvoorbeeld via Rotterdam of Antwerpen. De drempel van 50 ton geldt voor alle CBAM-goederen samen per kalenderjaar, niet per product. Wie daarboven zit, draagt de CBAM-kosten en kiest tussen werkelijke waarden en standaardwaarden. Wie er samen onder blijft, valt buiten CBAM.
Direct, vanaf 14 december 2027: elk bedrijf dat producten in de EU in de handel brengt of aanbiedt. Dat geldt ook voor distributeurs en voor producten met EU-herkomst, want het verbod kijkt naar de hele keten.
Indirect: wie staal of aluminium koopt bij een EU-stockist of handelaar die zelf importeert. De CBAM-kosten komen dan via de verkoopprijs of een toeslag bij je terecht.
Waarschijnlijk niet direct: inkopers die uitsluitend staal en aluminium van EU-producenten afnemen. Op die stromen rust geen CBAM. Zij worden alsnog geraakt als een leverancier halffabricaat van buiten de EU gaat gebruiken, of bij verlenging naar een niet-EU-bron overstapt.
Het tweede-orde-effect
Orbecta-analyse. De keten loopt in drie scenario's.
Scenario 1: geen geverifieerde installatiedata in 2027. Dit speelt als je niet-EU-staalleverancier voor 2027 geen geverifieerde emissiedata per installatie beschikbaar stelt. In dat geval valt de importeur terug op de standaardwaarde inclusief 20% opslag. De extra certificaatkosten komen via de prijs of een CBAM-toeslag bij jou. Leveranciers met geverifieerde, lagere werkelijke waarden kunnen dan een kostenvoordeel hebben en dat in de onderhandeling gebruiken. De indicator: het aandeel van je niet-EU-tonnage met geverifieerde werkelijke waarden.
Scenario 2: voorraad over de grens van 14 december 2027. Ook producten die vóór 14 december 2027 zijn geproduceerd of ingevoerd, vallen onder het verbod als je ze vanaf die datum nog op de EU-markt aanbiedt. Opent een autoriteit een onderzoek naar een product in je assortiment? In dat geval staat die voorraad ter discussie. Bewijs over de herkomst van grondstoffen en componenten bepaalt dan of je kunt blijven leveren. De indicator: de doorlooptijd van inkoop tot verkoop per productgroep, afgezet tegen de ingangsdatum.
Scenario 3: bewijs als kostenpost. Als leveranciers de kosten van verificatie en traceringssystemen doorberekenen, verschijnen aparte compliance-toeslagen in offertes. Leveranciers met veel EU-klanten kunnen die kosten over meer volume verdelen. Kleine leveranciers rekenen waarschijnlijk meer per klant. De indicator: het aantal offertes voor 2027 met een aparte regel voor compliance of CBAM.
Nederlandse procurementimpact
Contractclausules
Bij verlenging of tender voor 2027: contracten met leveranciers van staal, aluminium en samengestelde producten van buiten de EU. Een bewijsclausule regelt drie dingen. Welke data de leverancier per levering aanlevert. Wie de verificatie betaalt. En wat er gebeurt als het bewijs ontbreekt of niet klopt. Voor het dwangarbeidverbod hoort daar een afspraak over terugname en kosten bij, als een product na 14 december 2027 niet meer verkocht mag worden. In een lopend contract kun je dit niet eenzijdig toevoegen. Laat de juridische uitwerking toetsen door je eigen legal- of compliancefunctie.
Leveranciersgesprekken
Nu: het gesprek verschuift van prijs per ton naar prijs per ton mét bewijs. Vraag niet alleen of een leverancier data heeft. Vraag welke data, per installatie of per land, en door welke geaccrediteerde verificateur geverifieerd. Kan een leverancier geen geverifieerde data beschikbaar stellen, dan rekent de importeur in 2027 met een emissiewaarde met 20% opslag. Dat verschil hoort in je prijsvergelijking.
Sourcing-mix
Als je bij de verlenging voor 2027 tussen leveranciers kiest: vergelijk dan op meer dan de kale prijs. Vergelijk op de beschikbaarheid van geverifieerde emissiedata, de transparantie van de keten tot de grondstof, de kwalificatietijd van een nieuwe bron en de logistieke aansluiting op Rotterdam of Antwerpen. Een EU-producent heeft geen CBAM-last, maar kent een andere prijs en levertijd. Maak een benchmark op deze criteria voordat je verschuift.
Claimverdediging
Als een leverancier een compliance- of CBAM-toeslag aankondigt: vraag dan om de onderbouwing per mechanisme. Een CBAM-toeslag hoort te rusten op tonnage, ingebedde emissies, gebruikte waarde (werkelijk of standaard), de correctie voor gratis emissierechten (de CBAM-benchmark), een eventueel al betaalde CO2-prijs in het land van herkomst, en de certificaatprijs. Die certificaatprijs is voor import in 2026 de prijs van het kwartaal van invoer. Een algemene toeslag voor "duurzaamheidsregels" zonder die opbouw is niet controleerbaar. Check ook je lopende contract: staat er een clausule voor wettelijke kostenwijzigingen in, dan kan de leverancier zich daarop beroepen, ook bij een vaste prijs. Staat die er niet in, dan is de vaste prijs je uitgangspunt tot verlenging. Laat die lezing toetsen door legal.
Budget en risico
Direct voor eigen importeurs: wie in 2026 zelf importeerde, koopt de certificaten vanaf februari 2027. Die uitgave valt dus in het budget van 2027, terwijl de import in 2026 plaatsvond. Indirect: bij een stockist zit dezelfde kost in de prijs of in een toeslag, afhankelijk van het contract. Bedrijfsexposure: nog niet berekend. Koppel spend- en leveranciersdata per herkomstland en CN-code.
Wat vaststaat en wat nog onzeker is
Wat vaststaat
- Het dwangarbeidverbod geldt vanaf 14 december 2027, voor alle producten ongeacht herkomst of sector, ook voor voorraad die vóór die datum is geproduceerd of ingevoerd (Europese Commissie).
- De Commissie stelde de richtsnoeren C(2026) 4386 vast op 26 juni 2026. Ze zijn niet-bindend.
- CBAM-importeurs kiezen tussen geverifieerde werkelijke waarden en standaardwaarden (DEHSt). Voor ijzer en staal is de opslag op standaardwaarden 10% in 2026, 20% in 2027 en 30% vanaf 2028.
- CBAM-certificaten voor import in 2026 worden vanaf februari 2027 verkocht, tegen de prijs van het kwartaal van invoer (Q1: €75,36, Q2: €75,28).
Wat nog onzeker is
- Hoe nationale autoriteiten het dwangarbeidverbod gaan handhaven en welke sectoren zij als eerste onderzoeken.
- Hoe de Commissie de standaardwaarden en opslagen in de herziening tot december 2027 aanpast.
- In welke mate leveranciers verificatiekosten als aparte toeslag doorberekenen.
Waar je op moet letten
- Het aandeel van je niet-EU-staal- en aluminiumtonnage met geverifieerde werkelijke waarden.
- Offertes voor 2027 met een aparte CBAM- of compliance-regel, en de opbouw daarvan.
- Productgroepen waarvan voorraad na 14 december 2027 nog in je keten ligt.
- Updates van de risicodatabase en de Single Portal van de Commissie.
Wat je nu kunt doen
- Deze maand: vraag je niet-EU-staal- en aluminiumleveranciers, of je importerende stockist, schriftelijk of zij voor leveringen in 2027 geverifieerde emissiedata op installatieniveau beschikbaar kunnen stellen, of dat met standaardwaarden gerekend moet worden. Neem dat verschil mee in je prijsvergelijking voor 2027.
- Dit kwartaal: bereid voor elke verlenging of tender voor 2027 met niet-EU-leveranciers een clausule voor: welk bewijs per levering, wie de verificatie betaalt en wat er gebeurt als het bewijs ontbreekt. Laat de tekst toetsen door legal.
- Dit kwartaal: vraag bij elke aangekondigde CBAM- of compliance-toeslag een opbouw per tonnage, gebruikte waarde, correctie voor gratis emissierechten, eventueel al betaalde CO2-prijs en certificaatprijs. Neem toeslagen zonder die opbouw niet ongetoetst op in je budget 2027.
- Dit jaar: inventariseer met je leveranciers van componenten met lange voorraadtijd hoe ver zij de herkomst tot de grondstof kunnen aantonen. Besluit daarna welke productgroepen vóór 14 december 2027 een herkomstdossier nodig hebben.
Hoe Orbecta ondersteunt
Met Contract Intelligence zie je welke contracten voor 2027 geen bewijs- of kostenclausule voor CBAM en dwangarbeid bevatten. Claim Check toetst aangekondigde CBAM- en compliance-toeslagen op tonnage, gebruikte waarde, benchmarkcorrectie en certificaatprijs. Warroom Prep zet het verschil tussen leveranciers mét en zonder geverifieerde data klaar voor de onderhandeling.
Bronnen
Primaire bron: Europese Commissie — Commission Guidelines on the application of Regulation (EU) 2024/3015, C(2026) 4386 final — 26 juni 2026
Primaire bron: Europese Commissie — Forced labour regulation — datum niet gespecificeerd
Primaire bron: EUR-Lex — Regulation (EU) 2024/3015 — 27 november 2024
Primaire bron: DEHSt — CBAM Definitive Regime from 2026 — datum niet gespecificeerd
Primaire bron: Europese Commissie (DG TAXUD) — Price of CBAM certificates — bijgewerkt juli 2026
Aanvullende context: Reed Smith — What you need to know as CBAM simplification comes into effect — datum niet gespecificeerd
Aanvullende context: Bird & Bird — EU Forced Labour Regulation: the European Commission's New Guidelines for Businesses — 2026
Leverancierscase / marketing: TrusTrace — The EU Forced Labour Regulation: What it requires and how to prepare — datum niet gespecificeerd
Orbecta-analyse op basis van bovenstaande bronnen.